Acuut Coronair Syndroom (ACS)
Term die verwijst naar een reeks van klinische condities, die het gevolg zijn van een onvoldoende bloedtoevoer naar de hartspier, zoals onstabiele angina pectoris en hartinfarct.
A1 domein
Deel van von Willebrand factor dat bindt aan de glycoproteïne (GP)Ib receptor op de oppervlakte van bloedplaatjes.
Abciximab
In de handel verkrijgbaar monoklonaal antilichaam dat gericht is tegen de glycoproteïne (GP) IIb/IIIa op de oppervlakte van bloedplaatjes. Het wordt gebruikt als inhibitor van plaatjesaggregatie en de handelsnaam is ReoPro®.
ACR
American College of Rheumatology. Verwijst ook naar de responscriteria voor het bereiken van een klinische respons na behandeling met anti-reumatoïde geneesmiddelen (d.w.z. ACR20).
Adalimumab
Volledig humaan monoklonaal antilichaam gericht tegen TNFa.
ADAMTS13
Enzym dat von Willebrand factor knipt.
ADP receptor antagonist
Klasse van inhibitoren van plaatjesactivatie, gebruikt voor de behandeling van ongewenste stolselvorming.
Affiniteit
Maat voor de sterkte van de binding tussen een antilichaam en zijn antigeen.
Alternatieve scaffold therapieën
Proteïne, verschillend van een antilichaam, dat gebruikt wordt als ruggegraat voor het presenteren van doelwitspecifieke bindingsplaatsen. Bedoeld voor gebruik als geneesmiddel.
Ankylosing spondilitis
Ziekte gekenmerkt door een chronische ontsteking van de gewrichten van de ruggegraat.
Anticoagulant
Substantie die de bloedstolling voorkomt.
Antigeen
Elke substantie die de vorming van antilichamen kan veroorzaken.
Anti-IL-6 programma
Intern Ablynx programma voor de ontwikkeling van Nanobodies gericht tegen de interleukine-6 receptor.
Antilichaam
Y-vormig eiwit dat geproduceerd wordt als resultaat van de introductie van een antigeen in het lichaam en dat in staat is om dit antigeen specifiek te binden, waardoor een imuunrespons op gang komt.
Antilichaamafhankelijke cellulaire cytotoxiciteit
Mechanisme van cel-gemedieerde immuniteit waarbij een effectorcel van het immuunsysteem actief een doelwitcel lyseert waarop specifieke antilichamen gebonden zijn.
Anti-plaatjes geneesmiddel
Substantie die de adhesie, activatie en aggregatie van bloedplaatjes tegengaat en daarbij de vorming van bloedklonters voorkomt.
Anti-RANKL
Nanobodies of antilichamen gericht tegen RANKL.
Antiresorptieve geneesmiddelen
Geneesmiddelen die botresorptie beperken.
Antitrombotica
Geneesmiddel dat de vorming van bloedklonters of trombi voorkomt of beperkt.
ARC-1779
Een peptide molecule (Aptamer) gericht tegen von Willebrand factor, ontwikkeld door en eigendom van Archemix Corporation.
Arteriële trombose
Vorming van bloedklonters (trombi) in één of meerdere slagaders.
Assay
Een procedure uit de moleculaire biologie voor het bepalen of het meten van de activiteit van een geneesmiddel of biochemische stof in een organisme of een weefselmonster.
Aterosclerose
Aandoening waarbij een slagaderwand dikker wordt als gevolg van een chronische ontstekingsreactie bevorderd door de accumulatie van vetachtige materialen zoals cholesterol.
Auranofin
Organische goudverbinding, anti-reumatisch middel.
Aviditeit
Totale bindingssterkte tussen een antilichaam en zijn antigeen, bepaald door het aantal bindingsplaatsen tussen beide.
Return to Top
BAP
Bot alkalisch fosfatase. Een enzym geproduceerd door osteoblasten. Het speelt een rol bij botmineralisatie.
B-cel
Bepaald type witte bloedcel dat antilichamen produceert.
Biomarker
Kenmerk dat objectief gemeten en geëvalueerd wordt als een indicator van normale biologische processen, pathogene processen of farmacologische reacties op een therapeutische interventie.
Biparatopische Nanobodies
Nanobody constructen die aan twee verschillende epitopen van hetzelfde doelwit binden.
Bisfosfonaten
Klasse van geneesmiddelen die het verlies van botmassa voorkomen en behandelen.
Bi-specifieke constructen
Nanobody constructen die aan twee verschillende doelwitten binden.
BLA
Biologic License Application. Aanvraag die de Amerikaanse Food and Drug Administration (FDA) moet goedkeuren voordat een biologisch geneesmiddel op de Amerikaanse markt kan worden gebracht.
Black box waarschuwing
Soort waarschuwing die in de VS gebruikt wordt op de bijsluiter van geneesmiddelen op voorschrift die ernstige bijwerkingen kunnen veroorzaken.
Blauwtongziekte
Niet-besmettelijke, door insecten overgedragen virusziekte van herkauwers, veroorzaakt door het blauwtongvirus.
Bloed-hersenbarrière
Scheiding van circulerend bloed en cerebrospinaal vocht in het centrale zenuwstelsel.
Bloedplaatjes aanhechting
De binding van bloedplaatjes aan collageen, dat blootgesteld wordt na endotheliale schade. Aanhechting van bloedplaatjes is een vroeg stadium in het stollingsproces.
Bloedstremmingsproces of bloedstollingscascade
Complex proces dat bestaat uit een serie van opeenvolgende reacties die resulteren in de vorming van een bloedklonter.
Bolus injectie
Snelle injectie van een geneesmiddel, medicatie of andere stof, rechtstreeks in een bloedvat.
Boss octrooien
Octrooien die tot dezelfde octrooifamilie behoren als het Amerikaanse octrooi 4.816.397.
Botmetastase
Tumoren in de botten, die ontstaan door de uitzaaiing (metastase) van een primaire tumor van een ander orgaan.
Botresorptie
Proces waarbij osteoclasten bot afbreken.
Botvernieuwing
Levenslang proces waarbij oud bot verwijderd wordt (botresorptie) en nieuw bot aangemaakt wordt (botvorming).
BSE
Boviene spongiforme encefalopathie, een neurologische ziekte die algemeen gekend is als ‘de gekkekoeienziekte’.
Return to Top
Cabilly octrooien
Octrooien die tot dezelfde octrooifamilie behoren als het Amerikaanse octrooi 4.816.597.
Carotide endarterectomie
Chirurgische ingreep die toegepast wordt om beroertes te voorkomen, waarbij stenose in de halsslagaders wordt gecorrigeerd.
CD-20
Niet-geglycosyleerd fosfoproteïne dat tot expressie komt op het oppervlak van alle mature B-cellen.
CDR
Complementariteitsbepalende regio. Relatief korte aminozuursequentie in de variabele domeinen van antigeen receptoren (bv. immunoglobulinen) die bepalend zijn voor hun specificiteit en die contact maken met een specifiek ligand.
Certolizumab pegol
Commercieel beschikbare TNFa-inhibitor.
Clopidogrel
Oraal anti-plaatjes middel dat zich richt tegen de ADP receptor P2Y12 dat stolselvorming verhindert.
Cohorte
Groep personen die een behandeling krijgen tijdens een klinische studie.
Collageen
Een groep natuurlijk voorkomende eiwitten die een natuurlijk bestanddeel vormen van verbindingsweefsel.
Complementactivatie
Activering van bloed-eiwitten die leiden tot cellyse of overgevoeligheidsreactie.
Contractproducent
Contract productie organisatie.
C-reactieve proteïnen
Eiwit aanwezig in het bloed, waarvan het niveau stijgt als reactie op een ontsteking.
CRO
Contract onderzoeksorganisatie.
CTX-1
Cross linked C-terminale telopeptiden van type I collageen. Afbraakproduct van type I collageen, gebruikt als merker voor botresorptie.
CVA
Cerebrovasculair accident (CVA) of beroerte.
Cytokine
Proteïnen die worden afgescheiden door bepaalde cellen van het immuunsysteem en die plaatselijk signalen overdragen tussen cellen en zo een effect hebben op andere cellen.
Return to Top
Dalton of D
Maat van het moleculair gewicht of massa. Een waterstofatoom heeft een massa van 1 Dalton. Eiwitten en andere macromoleculen worden typisch uitgedrukt in kilodalton (1000 Dalton).
DAS 28
Disease Activity Score. Score waarbij de telling van 28 gewrichten de ziekteactiviteit bij reumatoïde artritis bepaalt.
Denosumab
Anti-RANKL monoklonaal antilichaam, wordt ontwikkeld door Amgen.
Dimeer fusie-proteïne
Een molecule bestaande uit twee bindingsarmen verbonden met een eiwit ruggegraat.
DMARDS
Disease-modifying antirheumatic drugs. Een categorie van niet aan elkaar verwante geneesmiddelen, gedefinieerd door hun gebruik bij reumatoïde artritis om de vooruitgang van de ziekte te vertragen.
Return to Top
Eiwit
Molecule die bestaat uit een keten aminozuren. Elk eiwit heeft unieke biologische functies.
EMEA
European Agency for Evaluation of Medicinal Products. Europees Geneesmiddelenbureau.
Endarterectomie
Chirurgische ingreep voor het verwijderen van een atheromateuze plaque of obstructie t.h.v. de wand van een slagader die vernauwd is door de accumulatie van zachte/verharde afzettingen.
Epitoop
Onderdeel van een antigeen dat herkend wordt door een antilichaam.
Etanercept
Commercieel beschikbare TNFa-inhibitor.
EULAR
European League Against Rheumatism. Europese Vereniging tegen Reuma.
Europees winter-II octrooi
Het Europees octrooi 0 368 684.
Expressie bibliotheek
Een bibliotheek van DNA of RNA sequenties in een formaat (bv. aanwezig in expressievectoren) dat toelaat deze sequenties tot expressie te brengen.
Expressiesystemen
Systeem dat specifiek ontworpen is voor de productie van een genproduct naar keuze.
Extracellulaire ligand
Eiwit dat gesecreteerd wordt of zich buiten een cel bevindt en dat een receptor bindt en activeert.
Return to Top
Faagdisplay
Techniek die gebruik maakt van recombinant DNA technologie om bacteriofagen te creëren die een welbepaald peptide dragen in hun eiwitmantel. Agonisten en antagonisten gericht tegen dit doelwitpeptide kunnen dan experimenteel geïdentificeerd worden.
Deze techniek laat toe om antilichamen aan te maken en nieuwe geneesmiddelen te ontwikkelen.
Fab
Antigeen bindend gedeelte van een antilichaam.
Factor VIII
Een noodzakelijke bloedstollingsfactor.
Farmacodynamiek
Actie of effect van geneesmiddelen in levende organismen.
Farmacokinetiek
De studie van de absorptie, de verdeling, het metabolisme en de uitscheiding van geneesmiddelen door het lichaam.
Fase I klinische studie
Klinische studie om een nieuwe biomedische interventie in een kleine groep van mensen voor de eerste keer te testen op gebied van veiligheid (bv om een veilige doserig te bepalen en bijwerkingen te identificeren).
Fase II klinische studie
Klinische studie om een nieuwe biomedische interventie te bestuderen in een grotere groep van mensen, om de werkzaamheid te bepalen en om de veiligheid verder te evalueren.
Fc
Fragment crystallisatie regio, het staartstuk van een antilichaam dat interactie ondergaat met celoppervlaktereceptoren en bepaalde eiwitten van het complementsysteem. Deze eigenschap maakt het mogelijk voor antilichamen om het immuunsysteem te activeren.
FC Functie
Functie die specifiek gemedieerd wordt door de Fc regio van een antilichaam molecule.
FDA
Food and Drug Administration. Een agenschap gebaseerd in Rockville, Maryland, Verenigde Staten, verantwoordelijk voor het goedkeuringsproces voor geneesmiddelen in de Verenigde Staten.
Flowcytometrie
Analyse van biologisch material via detectie van de lichtabsorberende of fluorescerende eigenschappen van cellen of celfracties die in een smalle stroom doorheen een laserstraal worden geleid.
Return to Top
GMP
Good Manufacturing Practice.
Goede fabricage methoden (GMP)
cGMP (Current Good Manufacturing Practice) standaarden maken onderdeel uit van de garantie aangaande de farmaceutische kwaliteit van het geneesmiddel. Ze garanderen dat geneesmiddelen gemaakt en gecontroleerd zijn op consistente wijze, volgens een kwaliteitsstandaard aangepast aan het overwogen gebruik, en in overeenstemming met de regelgevingen voor geneesmiddelen.
Golimumab
Volledig humaan monoklonaal antilichaam gericht tegen TNFa.
GPlb-GPIX-GPV receptor complex
Glycoproteïne complex op het oppervlak van bloedplaatjes dat bindt aan von Willebrand Factor (ook GP1b receptor genaamd).
GPllb/llla inhibitoren
Een klasse van antiplaatjesgeneesmiddelen die GPIIb/IIIa op het celoppervlak van bloedplaatjes inhibeert.
G-proteine gekoppelde receptor (GPCR)
Celmembraaneiwitten van groot medisch en farmacologisch belang.
Return to Top
Haematopoïetisch
De vorming van de cellulaire component van bloed (bloedcellen).
Halfleven
De tijdspanne nodig om de helft van het aantal moleculen van een geneesmiddel te verwijderen uit de systemische circulatie.
Halfwaardetijd
De tijdspanne nodig om de helft van het aantal moleculen van een geneesmiddel te verwijderen uit de systemische circulatie.
Hamers-I octrooifamilie
Octrooien die de basisstructuur, samenstelling, bereiding en gebruik van Nanobodies omvatten.
Hepatotoxiciteit
Leverschade veroorzaakt door een behandeling of ingreep.
Hersenbloeding
Een hersenbloeding doet zich voor wanneer een slagader die bloed naar de hersenen voert, ofwel geblokkeerd wordt door een bloedklonter, ofwel openbreekt.
Heterodimeer cytokine
Cytokine bestaande uit twee verschillende subeenheden.
Homoloog
Gelijkaardig in lineaire sequentie en structuur.
Humaan enkel domein antilichaam (dAbs)
Kleinere fragmenten van monoklonale antilichamen waarvan het therapeutisch potentieel geëvalueerd wordt (ontwikkeld door Domantis Ltd, nu eigendom van GlaxoSmithKline).
Humaat P
Gevriesdroogd complex van humane stollingsfactor VIII en von Willebrand factor.
Humanisatie
Proces waarbij een therapeutisch eiwit van niet-menselijke origine wordt aangepast om beter te gelijken op een menselijk eiwit, met de bedoeling om het immunogene potentieel van het geneesmiddel te reduceren.
Hydroxychloroquine
Anti-malaria geneesmiddel dat eveneens gebruikt wordt om ontsteking af te remmen bij de behandeling van reumatoïde artritis.
Return to Top
Idiopatische Trombocytopenische Purpura (ITP)
Auto-immuunziekte waarbij het lichaam antilichamen aanmaakt tegen de eigen bloedplaatjes, wat leidt tot lage aantallen bloedplaatjes (trombocytopenie).
IL-1 (Interleukin-1)
Cytokine dat een rol speelt bij ontstekingsziektes.
IL-6 (Interleukin-6)
Cytokine dat een rol speelt bij ontstekingsziektes
Immunisatie
Proces waarbij een antigeen geïntroduceerd wordt in het lichaam met de bedoeling een antilichaamrespons op te wekken.
Immunogeen
In staat een antilichaamrespons op te wekken.
Immunoglobuline
Zie antilichaam.
IMPD
Investigational Medicinal Product Dossier. Een aanvraag die een sponsor van een geneesmiddel moet indienen bij de competente regelgevende Europese agentschappen vooraleer een nieuw geneesmiddel uit te testen op mensen. Het IMPD omvat het studieplan en wordt verondersteld om een volledig beeld te geven van het geneesmiddel, inclusief de structuurformule, resultaten van dierproeven en productie informatie. Het equivalent in de Verenigde Staten wordt Investigational New Drug Application (IND) genoemd.
In vitro
In glazen of plastieken recipiënten, eerder dan in levende systemen.
In vivo
In levende systemen
IND
Investigational New Drug Application. Aanvraag die een opdrachtgever moet indienen bij de FDA vooraleer een nieuw geneesmiddel uit te testen op mensen. De IND bevat het studieplan en wordt verondersteld een compleet beeld te geven van het geneesmiddel, inclusief de structuurformule, resultaten van dierproeven en productie informatie. Het Europese equivalent heet Investigational Medicinal Product Dossier (IMPD).
Infliximab
Commercieel beschikbare TNFa-inhibitor.
Intraveneuze injectie
De toediening van een relatief hoge dosis van medicatie in een ader over een korte periode, meestal tussen 1 tot 30 minuten.
Ionenkanalen
Eiwitten die poriën vormen en helpen bij het tot stand brengen en controleren van de kleine spanningsgradiënt over het plasmamembraan van alle levende cellen.
Ischemische beroerte
Slecht functioneren van hersenweefsel te wijten aan een verminderde bloedtoevoer naar een deel van de hersenen.
Return to Top
Kameelachtigen
Familie, behorend tot de klasse van zoogdieren, die kamelen, dromedarissen, lama’s, alpaca’s, vicunja’s en guanaco’s omvat.
kD
Kilodalton (1000 Dalton).
Kiemlijn
De cellen van het lichaam die instaan voor de voortplanting (eicellen en zaadcellen). Kiemlijn DNA wordt geïncorporeerd in het DNA van elke cel in het lichaam van het nageslacht.
Kleine molecule
Therapeutische molecule die geen eiwit is.
Klinische studie
Strikt gecontroleerde test op mensen van een kandidaatgeneesmiddel of een nieuw invasief medisch hulpmiddel.
Return to Top
Leflunomide (een kleine molecule DMARDs)
Geneesmiddel van het DMARD type dat gebruikt wordt bij actieve matige tot ernstige reumatoïde artritis en psoriatische artritis.
Return to Top
M.W.
Moleculair gewicht.
MACE
Major Adverse Cardiac Event. Criteria voor de evaluatie van hartingrepen zoals PCI.
McCafferty octrooifamilie
De Europese octrooien die eigendom zijn van de Medical Research Council uit het Verenigd Koninkrijk, die verband houden met bepaalde aspecten van het gebruik van faagdisplay technieken.
Methotrexaat
Geneesmiddel van het DMARD type dat gebruikt wordt voor de behandeling van kanker en auto-immuunziektes.
Monoklonaal antilichaam (mAb)
Antilichaam gemaakt in een laboratorium uit een enkele kloon, dat slechts één enkel antigeen herkent.
Multipel myeloom
Kanker van plasmacellen, een type witte bloedcellen.
Multivalent
Met meer dan één bindingsplaats.
Myocardiaal infarct (MI)
Een hartaanval, veroorzaakt door een ernstige verminderde of gestopte bloedtoevoer naar een gedeelte van de hartspier (myocardium).
Myocardiale ischemie
Een ziekte die gekenmerkt wordt door een verminderde bloedtoevoer naar de hartspier, meestal te wijten aan verkalking van de kransslagaders.
Return to Top
Nanobody
Eiwit dat bestaat uit één of meerdere bindingsdomeinen met de structurele en functionele eigenschappen van de variabele domeinen van natuurlijk voorkomende zware keten antilichamen (VHH’s) van Camelidae.
Nanobody technologieplatform
Ablynx’ know-how, expertise, octrooien en competenties in verband met het ontdekken en ontwikkelen van Nanobodies voor gezondheidstoepassingen.
Nanoclone
Ablynx’ gedeponeerd Nanobody generatieproces, gebaseerd op het sorteren van B-cellen uit geïmmuniseerde lama’s.
NExpedite
Nieuwe gedeponeerde technologie voor de verlenging van de halfwaardetijd.
NRC
National Research Council. Canadese overheidsonderzoeksinstelling.
NSAIDS
Niet-steroïdale ontstekingsremmende geneesmiddelen.
NSTEMI
Niet-ST-elevatie myocardiaal infarct.
NTX-1
Cross linked N-terminale telopeptiden van type I collageen. Specifiek afbraakproduct van type I collageen, aanwezig in kraakbeen en gebruikt als merker voor bot turnover.
Return to Top
Occlusie
De toestand waarin iets dat normaal open is afgesloten is.
Oculaire toediening
Toediening van een geneesmiddel via het oog.
Oligonucleotiden
Kort polymeer van nucleïnezuur.
Orale systemische toediening
Systemische aflevering van geneesmiddelen na orale toediening.
Oraal-naar-topicaal
Plaatselijke werking van een geneesmiddel in het spijsverteringskanaal na orale toediening.
Osteoblast
Cel verantwoordelijk voor de vorming van bot.
Osteoclasten
Cellen die verantwoordelijk zijn voor het verwijderen van botweefsel (botresorptie).
Osteonecrose van de kaak
Ernstige botziekte die de kaken aantast.
Osteopenie
Een aandoening waarbij de botmineraaldichtheid lager is dan normaal.
Osteoprotegerine (OPG)
Cytokine dat de productie van osteoclasten kan remmen.
Osteosarcoma
Een type botkanker.
Return to Top
P1NP
Amino-terminale procollageen propeptiden van type I collageen, gebruikt als merker voor botvorming.
P2Y12 ADP receptor
Eiwit op het oppervlak van bloedplaatjes en een belangrijke regulator in de bloedstolling.
Parathyroïd hormoon
Hormoon aangemaakt door de bijschildklieren.
PCI
Percutane coronaire interventie. Chirurgische techniek die gebruikt wordt om vernauwde slagaders te verbreden. Het gebeurt meestal door middel van een ballon die in leeggelopen toestand naar het aangetaste gebied geleid wordt en dan opgeblazen wordt, waardoor de plaque wordt samengedrukt en de vernauwde kransslagader verwijd wordt (verbreding) zodat het bloed beter kan stromen. Dit gaat vaak gepaard met het inbrengen van een uitzetbare metalen stent.
Pegylatie
Het toevoegen van polymere polyethyleenglycolketens aan een ander molecule.
Perifere arteriële occlusieve ziekte (PAOD)
Aandoening die zich ontwikkelt wanneer de slagaders die instaan voor de bloedtoevoer naar de interne organen, armen en benen, volledig of gedeeltelijk afgesloten worden door een bloedklonter.
PK profiel
Farmacokinetisch profiel.
Plaatjses
Ook bekend als thrombocyten, zijn de kleinste cellen in het bloed. Zij zijn betrokken bij hemostase en leidt tot de vorming van bloedstolsels.
Plaatjesaggregatie
Het klonteren van bloedplaatjes, één van de stappen in het stollingsproces.
Placebo
Medisch inerte substantie die toegediend wordt bij een gecontroleerde dubbelblinde klinische studie.
Prasugrel
Nieuw anti-plaatjesgeneesmiddel dat gericht is tegen de ADP plaatjesreceptor P2Y12.
Preklinische studie
Laboratoriumtest van een nieuw kandidaat-geneesmiddel of een nieuw invasief medisch hulpmiddel, uitgevoerd op dieren of celculturen om gegevens te verzamelen die een klinische studie rechtvaardigen.
Prikkelbare darm syndroom
Groep van chronische inwendige aandoeningen, gekenmerkt door onsteking van de darm. De meest voorkomende types van het prikkelbare darm syndroom zijn ulceratieve colitis en de ziekte van Crohn.
Psoriasis
Vaak voorkomende huidaandoening, gekenmerkt door verdikte vlekken van ontstoken, rode huid, bedekt met dikke, zilverachtige schilfers.
Return to Top
RANK
Receptor Activator van de Nucleaire kappa B Factor. Een membraaneiwit dat tot expressie komt op de oppervlakte van osteoclasten en betrokken is bij hun activering.
RANKL
Ligand voor de Receptor Activator van de Nucleaire kappa B Factor. Een membraanmolecule op de oppervlakte van de osteoblasten en stromale cellen, die osteoclasten activeert.
Reumatoïde artritis (RA)
Auto-immuunziekte die chronische ontsteking van de gewrichten veroorzaakt, alsook het weefsel er rond en andere organen in het lichaam.
RICO
Ristocetine cofactor activiteit. Een laboratoriumtest om plaatjesaggregatie onder invloed van von Willebrand Factor te evalueren.
RIPA
Ristocetine geïnduceerde plaatjesaggregatie. Een laboratoriumtest om plaatjesaggregatie onder invloed van von Willebrand Factor te evalueren.
Rituxan
Een chimeer monoklonaal antilichaam gericht tegen het eiwit CD20, gebruikt voor de behandeling van vele lymfomen, leukemie, en sommige auto-immuunziektes.
Rituximab
(zie Rituxan).
RNA
Ribonucleïnezuur.
Return to Top
Scaffold/fragment gebaseerde technologieën
Een alternatief voor volledige antilichamen. Deze omvatten het gebruik van fragmenten van klassieke antilichamen zoals Fab’s (zoals ontwikkeld door Genentech/Roche en UCB Farma), enkeldomein antilichamen van menselijke oorsprong (dAbs zoals ontwikkeld door Domantis Ltd. (overgenomen door GlaxoSmithKline)), enkel-domein antilichamen afkomstig van de haai (zoals ontwikkeld door Haptogen (overgenomen door Wyeth Pharmaceuticals)) en aangepaste antilichaam scaffolds (bv SMIP’s zoals ontwikkeld door Trubion).
Serum CTX-1I
(zie CTX-I).
SMIPs
Small Modular Immuno-Pharmaceuticals—Klein Modulair Immuno geneesmiddel.
Spiegelmers
Nieuwe, in spiegelbeeld voorkomende RNA-achtige bouwstenen.
Splenectomie
Chirurgische procedure waarbij de milt gedeeltelijk of volledig verwijderd wordt.
Stenotische atherosclerotische slagaders
Vernauwde slagaders met atherosclerotische laesies.
Subcutane toediening
Toediening van geneesmiddelen via injectie net onder de huid.
Subendotheliaal collageen
Collageen onder het endotheel, dat de vaatwanden aflijnt.
Sulfasalazine
Medicatie van het DMARD-type die gebruikt wordt voor de behandeling van het prikkelbare darm syndroom en reumatoïde artritis.
Systemische lupus erythematosus
Chronische auto-immuunziekte van het bindweefsel die elk deel van het lichaam kan aantasten.
Systemische toediening
Toediening van een geneesmiddel met een farmacologisch effect op het volledige lichaam, bv via een infuus of via de mond.
Return to Top
T-cellen
Soort van witte bloedcellen die een centrale rol spelen in cel-gemedieerde immuniteit.
Therapeutisch antilichaam
Monoklonaal antilichaam, gewoonlijk gehumaniseerd of volledig humaan, gebruikt als geneesmiddel.
Therapeutische peptide
Kort eiwit bestaande uit ten minste twee aminozuren dat een therapeutische werking heeft.
Thrombocytopenie
Lage concentratie van bloedplaatjes in het bloed.
Thrombolytisch geneesmiddel
Geneesmiddel dat in staat is een bloedklonter (trombus) op te lossen.
Thrombotische thrombocytopenische purpura (TTP)
Trombotische trombocytopenische purpura (TTP of syndroom van Moschcowitz) is een zeldzame aandoening van het bloedstollingssysteem, waardoor uitgebreide microscopische tromboses gevormd worden in de kleine bloedvaten over het ganse lichaam (trombotische microangiopathie).
Ticlopidine
Anti-plaatjes geneesmiddel dat behoort tot de thienopyridine familie.
Tijdelijke ischemische aanval
Verandering in de bloedtoevoer naar een bepaald gebied van de hersenen, wat resulteert in een kortstondige neurologische dysfunctie.
TIMI
Thrombolysis In Myocardial Infarction. Een scoresysteem dat verwijst naar het niveau van de bloedstroom in kransslagaders, gemeten tijdens percutane coronaire angioplastie.
TNF-alfa (TNFa)
Eiwit genaamd Tumor Necrose Factor-alfa dat geproduceerd wordt door verscheidene celtypes in het lichaam, onder meer betrokken in systemische ontstekingen.
Transdermale toediening
Toediening van een geneesmiddel via de huid.
Transgeen
Waar gekloond genetisch materiaal van de ene soort of stam getransfereerd is naar een andere.
Trombose
De vorming van een bloedklonter lokaal in een bloedvat.
Trombotische microangiopathie
Categorie van ziektebeelden die leiden tot trombose in haarvaten en arteriolen.
Trombus
Bloedklonter.
Return to Top
UL-vWF
Ultra grote von Willebrand Factor multimeren.
Urine NTX-1
(zie NTX-1).
Return to Top
Verbouwde antilichaam scaffolds
Antilichaam moleculen die zijn aangepast om gewenste eigenschappen te bekomen.
VH3-JH5 kiembaan immunoglobuline sequentie
Sequentie van specifieke V en J regio’s van menselijke immunoglobulines.
VHH
Variabel domein of bindingsdomein van een natuurlijk voorkomend zware keten antilichaam.
VIB
Vlaams Instituut voor Biotechnologie.
Von Willebrand factor (vWF)
Substantie in het bloed die bloedplaatjes helpt om zich aan beschadigde vaatwanden te hechten onder condities van hoge afschuifsnelheid, bv. in slagaders.
Vrijheid van exploitatie
Betekent dat een bepaalde actie, zoals het testen of het commercialiseren van een product, kan gebeuren zonder inbreuk te plegen op geldige intellectuele eigendomsrechten van anderen.
VUB
Vrije Universiteit Brussel.
Return to Top
Weesgeneesmiddel
Geneesmiddel voor de behandeling van een zeldzame ziekte. De toekenning van de status van weesgeneesmiddel door de autoriteiten verleent bepaalde voorrechten die bedoeld zijn om het onderzoek, de ontwikkeling en de commercialisering van weesgeneesmiddelen te bevorderen, zoals tien jaar marktexclusiviteit in Europa en zeven jaar in de Verenigde Staten.
Weesgeneesmiddel toewijzing
Erkenning van de ontwikkeling en de commercialisering van een geneesmiddel voor een zeldzame ziekte of aandoening door de bevoegde gezondheidsautoriteiten. Dit gaat gepaard met verschillende voordelen voor het farmaceutisch bedrijf tijdens de ontwikkeling en na registratie, met inbegrip van markt exclusiviteit van tien jaar in Europa en zeven jaar in de Verenigde Staten.
Weesziekte
Zeldzame medische aandoening.
Return to Top
Ziekte van Castleman
Zeer zeldzame aandoening, gekenmerkt door niet-kanker gezwellen (tumoren) die zich kunnen ontwikkelen in het lymfeklierweefsel, op ´e´en enkele locatie of doorheen het volledige lichaam en die gelinkt zijn aan overproductie van IL-6.
Ziekte van Crohn
Ontstekingsziekte van de darmen die elk deel van het spijsverteringsstelsel, van mond tot anus, kan aantasten en die een grote verscheidenheid aan symptomen kan veroorzaken.
Zware keten antilichaam
Antilichaam dat enkel bestaat uit twee zware ketens.
Return to Top